Geschiedenis van de Wijn

Georgië, het geboorteland van de wijn. In Georgië zijn de vroegste bewijzen van het cultiveren van wijnstokken gevonden en daaruit is de gecultiveerde variant van de ‘Vitis Vinifera Sativa’ voortgekomen. De druif is de ziel van elke Georgiër en het hart klopt met trots in het besef dat dit volk behoort tot de oudste wijnbouwnatie ter wereld.

De wijnbouw startte vanaf het moment dat de mens ontdekte dat uit wilde druivensap omgezet kan worden in een vrolijk makend elixer door het in de winter te begraven in een ondiepe kuil. Deze ervaring werd gekoesterd en vanaf 4000 BC begonnen Georgiërs druiven te cultiveren en deze te begraven in Qvevri (aardewerk van klei, in een vorm van een vat). Door het op een perfecte bodemtemperatuur op te slaan, werd de wijn gefermenteerd tot vinificatie.

De belangwekkende geschiedenis van de Georgische wijnbouw werd internationaal erkend in juli 2012. Sindsdien geniet het land van het exclusieve recht op de slogan “Georgië – De bakermat van wijn”.

Wijn is onderdeel van het Georgisch erfgoed, zoals architectuur, poëzie, zang, tafelrituelen (toasten) en het meest belangrijke: religie. Wijnmaken op academische niveau werd hier al in vroege 8e-9e eeuw onderwezen.

Vandaag de dag, groeien meer dan 500 endogene druivensoorten in dit klein land, dat is 20% van alle druivensoorten die bestaan in de wereld! Een grotere diversiteit is nergens anders in de wereld te vinden. Georgische wijnen staan bekend om hun unieke eigenschappen en kenmerken. Het warme klimaat en vochtige lucht uit de Zwarte Zee bieden ideale omstandigheden om uitstekende wijn te produceren. Het afwisselend landschap en de klimaatzones maken het mogelijk om veel meer soorten druiven te produceren dan vrijwel ieder ander land ter wereld.

Wijnmaken in Georgië heeft al eeuwen lang een significante waarde. Het is een symbool van zijn rijke cultuur en erfgoed. Mede hierdoor is de druivenoogst in Georgië meer dan een traditioneel feest, het is een uiting van de identiteit.

8000 JAAR WIJNTRADITIE